KenniscentrumZiekte/AandoeningMaag Darm Lever › Gatro-oesofagelae reflux › Gastro-oesofageale reflux (reflux-ziekte)

Gastro-oesofageale reflux (reflux-ziekte)

Terugstroom van maaginhoud naar slokdarm

Gastro-oesofageale reflux is het terugstromen (reflux) van inhoud van de maag (gastro-) naar de slokdarm (oesofagus). Bij iedereen treedt wel enige terugvloed van voeding en maagzuur vanuit de maag naar de slokdarm op. Dit gebeurt bij kinderen en volwassenen, maar vooral bij baby's. De meeste baby's spugen immers een mondje of golfje voeding uit, vaak na een voeding. Dit leidt echter meestal niet tot klachten.
We spreken van reflux-ziekte als er veel en vaak terugstroom is van (zure) maaginhoud, zodanig dat het leidt tot klachten.

Symptomen

De volgende symptomen (in combinatie met het vaak omhoogkomen van de voeding, met of zonder spugen) kunnen wijzen op reflux-ziekte bij kinderen:
  • voeding 'herkauwen';
  • prikkelbaarheid of overmatig huilen;
  • moeite met slikken of voedselweigering;
  • slecht groeien;
  • slecht slapen;
  • bloed spugen;
  • piepende ademhaling;
  • hoesten;
  • heesheid;
  • apneu (plotseling stokken van de ademhaling).
Oudere kinderen kunnen klagen over pijn op de borst of zure oprispingen. Vanaf de leeftijd van 8 jaar kunnen kinderen zelf aangeven dat ze last hebben van zure oprispingen.

OorzakenSpijsvertering (bron: shutterstock)

Op de overgang van de slokdarm naar de maag zit een sluitspier. Deze sluitspier voorkomt dat er maaginhoud terugstroomt in de slokdarm. Reflux bij baby's ontstaat meestal doordat de sluitspier op die leeftijd nog onvoldoende functioneert en regelmatig opent als dit niet nodig is. Hierdoor kan makkelijker maaginhoud terugstromen naar de slokdarm.
In de maag wordt voeding vermengd met zure maagsappen. Deze helpen de voeding te verteren. De maag is aan de binnenkant bekleed met dik slijmvlies, dat de maagwand beschermt tegen het zure maagsap. De slokdarm heeft deze dikke slijmlaag niet. Als het maagzuur in contact komt met de slokdarmwand kan dit pijn, beschadiging en later zelfs ontsteking van de slokdarmwand veroorzaken.
Bij de meeste kinderen ontwikkelt de sluitspier zich in de loop van het eerste levensjaar. Hierdoor verminderen en verdwijnen de klachten vanzelf. Een klein deel van de kinderen blijft last houden.
Andere, minder vaak voorkomende oorzaken van reflux zijn:
  • Koemelkeiwitallergie. Door een allergie wordt de voeding niet goed verdragen.
  • Verstopping. Bij langdurige verstopping van de darm (obstipatie) kan de gevulde darm tegen de maag drukken. Hierdoor wordt de maaginhoud makkelijker naar de slokdarm geduwd.
  • Hiatus hernia. Dit is een breukje in het middenrif, waardoor een deel van de maag door het middenrif naar de borstholte glipt. Dit komt weinig voor bij kinderen.

Onderzoek

De kinderarts zal vragen welke klachten het kind heeft en het kind lichamelijk onderzoeken. Ook wordt de groei van het kind in kaart gebracht. Neem hiervoor de groeigegevens van uw kind mee. Deze zijn eventueel op te vragen bij het consultatiebureau. Doorgaans kan de diagnose worden gesteld op basis van het klachtenpatroon en het lichamelijk onderzoek. Aanvullend onderzoek is meestal niet nodig. Dit gebeurt alleen bij twijfel.

Aanvullende onderzoeken

Aanvullende onderzoeken die soms worden gedaan zijn:

Slikfoto

Bij dit een onderzoek door een slikfoto krijgt het kind voeding vermengd met contrastvloeistof te drinken. Vervolgens worden meerdere röntgenfoto's gemaakt om de contrastvloeistof te volgen door de slokdarm, maag en darm. Hierbij wordt gelet op:
  • de snelheid waarmee de contrastvloeistof doorloopt naar de darm;
  • de ligging van de maag en darm;
  • of er (aangeboren) afwijkingen zijn die klachten kunnen geven die vergelijkbaar zijn met de klachten van reflux.

pH-metrie

Hierbij wordt via de neus een dun slangetje ingebracht in de slokdarm van het kind. In dit slangetje zit een zuurgraadmeter (pH-meter). Deze meet gedurende 24 uur hoe vaak er maagzuur in de slokdarm komt en hoe lang deze periodes duren. De zuurgraadmeter is verbonden met een klein computertje dat het kind met zich meedraagt. Daarnaast houden de ouders een dagboek bij, waarin zij de tijden noterenwaarop het kind eet, slaapt enzovoorts. Voor dit onderzoek hoeft het kind niet in het ziekenhuis te verblijven, het kan gewoon naar huis.

Endoscopie

In enkele gevallen is het nodig om te kijken in de slokdarm en de maag. Dit gebeurt door een dunne slang met lamp en camera (endoscoop), via de mond in te brengen in slokdarm en maag. Dit onderzoek wordt meestal gedaan door de kinder maag-darm-lever (MDL) arts in een academisch ziekenhuis, zoals het Radboudumc in Nijmegen. Dit onderzoek gebeurt onder narcose.

Behandeling

De behandeling is afhankelijk van de ernst van de klachten. Er zijn verschillende stappen in de behandeling. Stap 1 geldt voor algemene klachten van reflux. Stap 2 en 3 worden genomen als er daadwerkelijk sprake is van reflux-ziekte.

Stap 1

De kinderarts begint meestal met het geven van algemene adviezen. Reflux bij baby's is een veelvoorkomend en meestal onschuldig fenomeen. Het gaat meestal vanzelf over in de loop van het eerste levensjaar. Dit kunt u bij uw baby zelf doen:
  • vaker op een dag een kleinere portie voeding geven;
  • de baby goed rechtop houden na de voeding (meer dan 30 minuten);
  • indikken van de voeding met johannesbroodpitmeel (Nutriton®) of speciale voeding voor spugende baby's (anti-reflux of AR) gebruiken.
Bij oudere kinderen en tieners met reflux helpt slapen op de linker zij of slapen met het hoofdeinde omhoog. Bij kinderen met overgewicht helpt afvallen tegen de reflux. Ook helpt het om te letten op voeding (minder vet, koolzuur- en cafeïnehoudende dranken, geen alcohol) en niet te roken.

Stap 2

Als de algemene adviezen en het indikken van de voeding onvoldoende effect hebben op de klachten, kan er sprake zijn van reflux-ziekte. In dat geval zal de kinderarts starten met zuurremmende medicijnen. Voorbeelden van maagzuurremmers zijn Ranitidine (Zantac®), Esomeprazol (Nexium®) en Omeprazol (Losec®). De maagzuurremmers zorgen ervoor dat de maaginhoud minder zuur wordt. Bij terugvloed van maaginhoud naar de slokdarm is de maaginhoud niet meer pijnlijk en schadelijk voor de slokdarm.
De maagzuurremmers behandelen niet de reflux zelf. Met het ouder worden vermindert de reflux vaak, waardoor met de maagzuurremmers gestopt kan worden. Dat is meestal rond de leeftijd van 9 maanden tot 1 jaar.

Stap 3

Bij onvoldoende effect van de maagzuurremmers zal de kinderarts een proefbehandeling van ongeveer 4 weken met koemelkvrije voeding overwegen. Koemelkeiwit-allergie kan namelijk reflux veroorzaken.

Overige behandelingen

Soms worden medicijnen gegeven die het transport van voeding vanuit de maag naar de darm versnellen. Deze medicijnen worden prokinetica genoemd. Door de snellere doorloop van voeding uit de maag kan er minder voeding terugstromen naar de slokdarm.
In zeer ernstige gevallen wordt soms een operatie gedaan om de reflux te verminderen. In dat geval wordt het kind, vaak via de kinder maag-,darm-en lever (MDL) arts, doorverwezen naar de kinderchirurg.


Deel deze pagina: